Het seizoen zit erop. We blikken nog één keer terug op het afgelopen basketbaljaar, en dat doen we in een dubbelinterview met twee spelers die afgelopen maand hun basketschoenen aan de haak hebben gehangen. Na meer dan vijftig gezamenlijke basketjaren besloten Vince “Wakki” Nys en Jo “De Bom van de Berg” Mondelaers dat het mooi was geweest. Wat is er beter dan met hen samen een overzicht van het seizoen te maken?
Heren, jullie zijn intussen met basketpensioen. Vertel eens: hoe voelt dat?
Jo: “Het is wennen. Na meer dan dertig seizoenen is het vreemd om niet al vooruit te kijken naar volgend jaar. Met de vrijgekomen tijd kan ik wél tijd besteden aan mijn band Clouds Indoor. Bijna zo plezant als driepunters binnenknallen.”
Vince: “Ik moet me ook nog volop aanpassen. Als ik nu thuis ben, vul ik mijn avonden met breien, koffie drinken en staren naar de klok. Ik ben ook begonnen met het volgen van The Bold and the Beautiful. Een mens moet iets doen, hé…”
Als we terugkijken naar jullie carrières, dan zijn daar natuurlijk heel wat hoogtepunten. Wat zijn die voor jullie?
Vince: “Waar te beginnen? De beker die we bij de jeugd wonnen is natuurlijk een blijvende herinnering. De provinciale titel in 2024 met de A-ploeg is misschien wel de allermooiste. We hadden een héle sterke ploeg, en ook een oude man in ons team die bij zijn afscheid nog een titel kon meepikken. Ik heb gehoord dat hij—ik dacht dat zijn naam Michiel was—zopas nog Limburgs kampioen rollatorlopen is geworden. Het is goed te horen dat ook na een basketcarrière sportieve hoogtepunten niet uitgesloten zijn.”
Jo: “Die man ken ik! Ik heb er zelf nog de beker mee gewonnen in onze jeugdjaren en het ook tot de halve finale van de Beker van België geschopt. Sportief waren dat wellicht de strafste jaren. Later, bij de senioren, hebben we met de C-ploeg altijd goed meegedraaid. Een titel zat er niet meer in, maar we hebben massa’s fijne matchen gespeeld en goede ploeggenoten gehad. Dat is nog het allerbelangrijkste aan basket: goed kunnen spelen, iets bijleren en plezier maken. Om dan bij mijn laatste match het driepuntrecord van de club aan diggelen te gooien, neem ik er graag bij.”
Een generatiegenoot van jou, Jo, is Antoon Kitenge. Hij heeft zevenendertig comebacks gemaakt. Hoe zit dat bij jou?
Jo: “Ik ben er veertig geworden. Het is nu tijd voor mijn midlifecrisis. Bovenaan mijn lijstje staat nu een moto kopen. Een jonge, mooie vrouw heb ik al, dus dat zit wel al goed. Basketten… misschien nog eens een balletje gooien bij de recreanten of zo, maar meer hoeft dat niet te zijn.”
Vince: “Ik bereid een comeback voor tegen januari. Maar niet publiceren, alsjeblieft, want dan gaat die van ons niet tevreden zijn. Schrijf maar op dat ik me nu vooral focus op breien en hoop binnenkort ook te leren haken.”
Hebben jullie de rest van het sportieve seizoen nog kunnen volgen bij de club?
Jo: “Natuurlijk. Ik check de website elke dag. Naast Sprite-drinken is dat mijn favoriete bezigheid. Ik zie veel talent in de club. Bij de jongste ploegen zitten intussen kinderen van mannen waar ik nog mee heb gespeeld. Dat is wel zot. En zowel de U8 als de U10 hebben al mooie dingen laten zien tijdens hun eerste tornooien en wedstrijden. De U12’s waren allebei winterkampioen. Dat vind ik heel knap. In de tweede seizoenshelft herhaalden de U12A dat in een moeilijkere reeks. Nog straffer! De U12B hadden het veel moeilijker in een zware reeks, maar wonnen toch hun laatste match tegen alle mama’s en papa’s. Ja, dan heb je wel talent in de club bij die jonge leeftijden, hé.”
Vince: “Ook de oudere jeugd heeft veel in z’n mars, zag ik. De U14B groeiden doorheen het seizoen naar een hoger niveau. Idem voor de U16B. De U16A speelden straf mee op niveau 2. Dat is wel heel sterk, dat is elke week tegen topniveau, hé. Ook de U18B deed het goed in de middenmoot van hun reeks. En de U18A werden na de winter kampioen in hun reeks op niveau 3, ook heel knap. Het orgelpunt was wel voor de U14A. Een heel seizoen sterk gespeeld, met als kers op de taart de Beker van Limburg. Heb jij die beelden gezien van die laatste score?”
Jo: “Ja man, dat was die ene… Wout Verhaeghe noemt ’m. Even laatste seconde een buzzerbeater binnengooien en een beker winnen. Uniek moment. Mooie score, met een goede assist ook van een medespeler. Matchen win je uiteraard als ploeg, maar zo’n moment erbij is echt uniek. Ferm gedaan van die mannen.”
Het is inderdaad een knap sportief seizoen geweest. Welk advies zouden jullie aan de jeugd willen geven?
Jo: “Al gezegd, man: plezier beleven, iets bijleren, jezelf voor meer dan honderd procent inzetten. Basket is een superleuke sport en wordt eens zo plezant als je jezelf uitdaagt om altijd iets beter te worden.”
Vince: “Altijd plezier maken, en de lat ook zo hoog leggen als je maar kunt. Als het op beide vlakken goed zit, dan ga je vele mooie basketjaren hebben. Kijk bijvoorbeeld naar die drie jongens die nu van Optima naar Limburg United gaan. Als je dat op je zestiende mag doen: heel knap. Blijven werken zou ik zeggen, wie weet wat daar nog van gaat komen. Kijk bijvoorbeeld naar Oscar Giltay. Die kwam van Bilzen, speelde tot zijn achttiende bij Limburg United en gaat nu naar collegebasketbal in Amerika. Dat is een droom, hé, maar als je talent hebt en vooral keihard ervoor werkt, dan weet je maar nooit.”
Jullie carrières zitten erop. Is er nog iemand die jullie willen bedanken?
Jo: “Ik nam afscheid samen met enkele toffe teamgenoten: de broeders Hoekx en ook Wim. Als je zolang speelt als ik, zie je veel goed volk doorheen de jaren vertrekken. Dus in het bijzonder merci aan alle fijne ploeggenoten: de Beyens, Goewes, Michiel, de Loempe, Koen… het zijn er echt te veel om op te noemen. Zeker als je de jeugdjaren erbij telt. En nog het meeste dank aan onze mama en papa. De mensen kennen hen als ‘Swa en Lou’, maar voor mij waren het mijn trouwste supporters en jarenlang mijn taxi. Merci, hè.”
Vince: “Ik sluit me daarbij aan en voeg de coaches nog toe. Van Rakki tot Mark en alles daartussen. Coaches vormen je als speler, je leert altijd veel bij en krijgt kansen. Ik ben daar dankbaar voor!”
Merci ook aan jullie voor alles. Zullen we jullie nog terugzien in de sporthal?
Jo: “Ik kom misschien nog wel eens kijken naar de C-ploeg en kom zeker met plezier nog draaien op de slotdag en zo. Ik ben al meer dan vijfendertig jaar bij de club, daar stop je niet zomaar mee.”
Vince: “Ik moet kijken met mijn breiwerk. Maar als het lukt, kom ik nog wel eens rozenbottelthee drinken bij Betty. Alé, tot in januari of zo, hé!”
